Bijna 90 procent van het personeel in het voortgezet onderwijs maakt zich zorgen om besmet te raken, of iemand anders te besmetten op school. In juni was dat nog 50 procent. Toen moesten leerlingen nog onderling anderhalve meter afstand houden, waardoor op veel scholen maar een derde van de leerlingen tegelijk aanwezig was.
Nu de school weer wordt bevolkt door honderden en soms zelfs duizenden leerlingen, nemen de zorgen onder het personeel toe. De AOb, de vakbond voor onderwijzend personeel, hield een enquête onder leden en niet-leden in het voortgezet onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs. Zo'n 3000 leerkrachten en ondersteunend personeel vulden afgelopen week de vragenlijst in en deelden hun ervaringen met de opstart van het onderwijs.
Afstand houden niet te doen
Wat duidelijk naar voren komt: anderhalve meter ruimte houden tussen docent en leerling is niet te doen. Zeker niet bij praktijkvakken of pauzetoezicht, blijkt vooral uit de opmerkingen van de respondenten: "Ik geef beroepsgerichte vakken richting koken & serveren. Afstand houden is onmogelijk en het gebruik van mondkapjes is ingewikkeld. Van mijn directe collega’s, maar ook van andere docenten die praktijkvakken geven, weet ik dat wij ons grote zorgen maken over de situatie."
In de enquête zegt driekwart dat het niet lukt om anderhalve meter bij leerlingen vandaan te blijven. Een kwart zegt dat het redelijk gaat en slechts 1 procent vindt dat het goed lukt. In het voortgezet speciaal onderwijs is afstand houden nog lastiger: bij 81 procent lukt dat niet, 19 procent zegt: redelijk.
Uitdaging
Dat verklaart de zorgen. En deze komen zeker niet alleen van personeel dat zelf tot een risicogroep behoort (24 procent), of dat een kwetsbare huisgenoot heeft (18 procent). Risicogroep of niet: het onderwijspersoneel is massaal aan de slag gegaan. Eenmaal aan het werk, belemmert de anderhalve meter het lesgeven behoorlijk. "We mogen tijdens de lessen de klassen niet in lopen; dit is een hele grote belemmering voor het geven van goed onderwijs. Het is belangrijk dat ik in de schriften kan kijken. Juist bij leerlingen die geen vragen stellen. Maar ik kan er niet eens in de buurt komen." Een ander schrijft: "Orde handhaven is momenteel een uitdaging. Je kunt niet rondlopen, je 'antennes' hun werk laten doen. Van achter een spatscherm is het moeilijk te horen uit welke richting herrie komt."
Wat verder opvalt:
- Bij 17 procent van de respondenten zijn op dit moment corona-gevallen bekend op school.
- 41 procent zegt dat leerlingen zich niet aan de hygiënemaatregelen houden.
- Er is voldoende desinfecterende handgel (volgens 89 procent), maar of de school extra wordt schoongemaakt, weet het personeel vaak niet (45 procent).
- De meeste scholen hebben aanvullende maatregelen genomen (67 procent van de respondenten zegt dat), vooral in de vorm van spatschermen, mondkapjes en gezichtsschermen.
- 6 procent spreekt van een mondkapjesplicht voor leerlingen. Wat vaker voorkomt zijn verplichte mondkapjes tijdens les-wisselingen, of wanneer de leraar daarom vraagt.
- Slechts 40 procent zegt dat de ramen in alle leslokalen open kunnen.
- Ventilatie blijft een bron van zorg. 80 procent is al geïnformeerd over het ventilatiesysteem. Van hen geeft 69 procent aan dat het schoolgebouw volgens het bestuur voldoet aan de eisen.
Niet verbaasd
AOb-bestuurder voor het voortgezet onderwijs Henrik de Moel is niet verbaasd over de toename van zorgen bij zijn collega’s. “Het aantal besmettingen nam toe gedurende de zomer en het feit dat alle kinderen weer op school zijn, maakt het nagenoeg onmogelijk om continu die anderhalve meter te bewaken.” De AOb benadrukt de verantwoordelijkheid die leraren voelen om het onderwijs door te laten gaan. 86 procent van de leraren die tot een risicogroep behoren staan voor de klas. Dit geldt ook voor mensen die én zelf tot een risicogroep behoren én samenwonen met iemand uit een risicogroep. De Moel: “Daar mag meer aandacht en waardering voor zijn. Tegelijk – en dat is het wrange – is het juist voor deze groep zo belangrijk dat de regels op school worden nageleefd.”
Lerarentekort
Lesuitval was er al in het kader van het lerarentekort. Nu komt corona daar bovenop. De AOb blijft er bij het ministerie op aandringen dat zij gaan bij houden hoeveel lessen er niet worden gegeven. De Moel: “Niet om te handhaven, maar om zicht te krijgen op de omvang van dit probleem en welke scholen hulp nodig hebben.” Daarnaast wil de AOb voorrang voor leraren bij de corona-testen. Dit om het onderwijs overeind en de werkdruk behapbaar te houden.
Foto: een docent deelde op sociale media zijn afgebakende plekje in de klas.
(bron: AOb)