De paddentrek in Langerak is weer begonnen

Foto: G koning

In Langerak leeft bij de Grietmansraklaan een grote populatie padden. Elk jaar trekken de padden naar een watertje om zich voort te planten. Dat gaat niet altijd goed: je ziet tijdens deze paddentrek regelmatig een platgereden pad.

Daarom vangen vrijwilligers in Langerak in deze tijd van het jaar de padden in emmers – beter gezegd: daar vallen ze in – en zetten ze de Grietmansraklaan over. De emmers staan op de favoriete oversteekplaatsen van de padden. ’s Ochtends en ’s avonds worden de emmers aan de overkant geleegd, waar de padden straks in de sloten daar hun eisnoeren afzetten zodat er weer jonge padjes bij komen.

Paar honderd

De padden leven al jaren in dat deel van Langerak, en ze worden ook al jaren geholpen door betrokken buurtbewoners. Elk jaar zetten ze er een paar honderd over naar de overkant. De padden beginnen aan hun paddentrek als de temperatuur boven een bepaald minimum uitkomt; meestal ergens in maart. Ze kunnen afstanden tot 1,5 kilometer afleggen en gaan in een rechte lijn, inclusief te nemen hindernissen. Hoe ze zich daarbij oriënteren, is niet duidelijk.

Paargreep

De mannetjes beginnen eerst te trekken, maar doen er lang over omdat ze onderweg trachten een partner te strikken. Vrouwtjes, die groter worden en ook herkenbaar zijn aan de opgezwollen buik vol met eitjes, starten later maar treuzelen minder. Op warme avonden zitten de mannetjes met tientallen op open, vlakke plaatsen te wachten op de passerende vrouwtjes. Ze grijpen met de sterk gespierde voorpoten het lichaam van de vrouwtjes vast in de paargreep en laten zich meevoeren naar de ‘voortplantingspoel’.

Tot eind maart

De lentetrek gaat met pieken voort tot ongeveer eind maart. Op koude dagen stopt alle beweging; als het na een lange koude periode terug warm wordt, hervat de trek zich met een nieuwe piek. In de poel, plas of gracht worden de eitjes afgezet en bevrucht en vervolgens trekken de meeste dieren weg naar hun zomerverblijf waar ze de rest van het voorjaar en de zomer verblijven en zich vol eten. In het najaar trekken ze dan terug naar het overwinteringsgebied en verdwijnen voor enkele maanden onder de grond. Deze najaarstrek vertoont minder pieken dan de voorjaarstrek en is meer gespreid in de tijd.

Op de foto de padden in de emmer, afgelopen zondagavond.

Reacties